Katholiek Nieuwsblad

De route van Gods Woord: oren, hart, handen

De route van Gods Woord: oren, hart, handen
Foto: AP

Tijdens de algemene audiëntie van 31 januari sprak paus Franciscus over de dienst van het woord als dialoog tussen God en zijn volk.

Beste broeders en zusters, goedemorgen!

We gaan vandaag verder met de catecheses over de heilige Mis. Na te hebben stilgestaan bij de openingsritus, overwegen we nu de dienst van het woord die een fundamenteel onderdeel is, omdat we samenkomen om te luisteren naar wat God gedaan heeft en nog wil doen voor ons.

Het is een ervaring die ‘live’ plaatsvindt en niet van horen zeggen is, want “wanneer in de Kerk de Heilige Schrift gelezen wordt, spreekt God zelf tot zijn volk en verkondigt Christus, die aanwezig is in zijn Woord, het Evangelie” (Algemeen Statuut van het Romeins Missaal, 29; vlg. Sacrosanctum Concilium, 7:33).

Niet kletsen tijdens de lezingen

En hoe vaak worden er, terwijl het Woord van God gelezen wordt, opmerkingen gemaakt: “Kijk hem eens…, kijk haar eens…, zie je de hoed die zij opheeft? Die ziet er niet uit…”. En je begint commentaar te leveren. Dat klopt hè? Moet je commentaar leveren terwijl het Woord van God gelezen wordt? [publiek antwoordt: “Nee!"].

Nee, want als je aan het kletsen bent met mensen luister je niet naar het Woord van God. Als het Woord van God in de Bijbel wordt voorgelezen – de eerste lezing, de tweede, de antwoordpsalm en het Evangelie – moeten we luisteren en ons hart openen, want het is God zelf die tot ons spreekt, en niet aan andere dingen denken of over andere dingen praten. Begrepen?... Ik zal jullie uitleggen wat er gebeurt bij deze dienst van het woord.

Luisteren naar het Woord

De pagina’s van de Bijbel houden op een geschrift te zijn om het levend woord te worden, uitgesproken door God. Het is God die, door middel van de persoon die leest, tot ons spreekt en ons oproept met geloof te luisteren. De Geest “die gesproken heeft door de profeten” (Credo) en de heilige schrijvers heeft geïnspireerd, zorgt ervoor dat “het Woord van God in de harten bewerkt wat het oor beluistert” (Lectionarium, inl., 9).

Maar om naar het Woord van God te luisteren, heb je een open hart nodig om de woorden in je hart te ontvangen. God spreekt en wij bieden Hem ons gehoor aan, om vervolgens wat we hebben gehoord in de praktijk te brengen. Het is heel belangrijk om te luisteren. Soms begrijpen we het misschien niet goed, omdat er een aantal wat moeilijke lezingen zijn. Maar God spreekt evengoed tot ons op een andere manier. We moeten stil zijn en naar het Woord van God luisteren. Vergeet dat niet. In de Mis, als de lezingen beginnen, luisteren we naar het Woord van God.

Een overvloedige 'tafel'

We hebben het nodig om daarnaar te luisteren! Het is namelijk een levensbelangrijke kwestie, zoals ook de ingrijpende uitdrukking zegt: “Niet van brood alleen leeft de mens, maar van alles wat uit de mond van God voortkomt” (Mt. 4,4). Het leven dat ons gegeven wordt door het Woord van God.

In die zin, spreken we over de dienst van het woord als de ‘tafel’ die de Heer aanricht om ons geestelijk leven te voeden. Het is een overvloedige tafel, die van de liturgie, die in ruime mate put uit de schatten van de Bijbel (vlg. Sacrosanctum Concilium, 51), zowel uit het Oude als uit het Nieuwe Testament, want daarin wordt door de Kerk het unieke en identieke mysterie van Christus verkondigt (vlg. Lectionarium, Intr., 5).

Rijkdom van de lezingen

Denk maar aan de rijkdom van de zondagse bijbellezingen die worden aangeboden in de drie cycli, in het licht van de synoptische evangeliën, die ons begeleiden gedurende het liturgisch jaar: een grote rijkdom. Ik wil hier ook wijzen op het belang van de antwoordpsalm, die als doel heeft bij te dragen aan de meditatie van wat we in de lezing ervoor hebben gehoord. Het is goed als de psalm wordt begeleid met gezang, in ieder geval tijdens het refrein (vlg. Lectionarium, Intr., 19-22).

Het liturgisch voordragen van de lezingen, met de gezangen ontleend aan de Heilige Schrift, drukt de kerkelijke eenheid uit en bevordert die, en begeleidt zo de weg van allen en van iedereen. Je begrijpt dan waarom een aantal keuzes, zoals het weglaten van lezingen of het vervangen ervan door niet Bijbelse teksten, verboden is.

De Heer die tot ons spreekt

Ik heb wel eens gehoord dat iemand, als er nieuws is, de krant leest, want dat is het nieuws van de dag. Nee! Het Woord van God is het Woord van God! De krant kunnen we daarna lezen. Maar daar wordt het Woord van God gelezen. Het is de Heer die tot ons spreekt. Dat Woord vervangen door andere dingen verarmt en verwatert de dialoog tussen God en zijn biddende volk.

In tegendeel, de waardigheid van de ambo is vereist, het gebruik van het Lectionarium en de beschikbaarheid van goede lectoren en voorzangers. Het is noodzakelijk te zoeken naar goede lectoren! Mensen die goed kunnen voorlezen, geen mensen die lezen en de woorden opeten waardoor je er niets van begrijpt. Zo is het, goede lectoren. Die moeten zich voorbereiden en voorafgaand aan de Mis oefenen om goed voor te lezen. Dat zorgt voor een sfeer van stilte en ontvankelijkheid.

Onmisbare ondersteuning

We weten dat het woord van de Heer een onmisbare ondersteuning is om onszelf niet te verliezen, zoals ook erkend wordt door de psalmist die zich richt tot de Heer en opbiecht: “Een lamp voor mijn voet is uw woord, een schijnend licht op mijn pad” (Ps. 119,105). Hoe zouden we onze aardse pelgrimage, met alle moeilijkheden en beproevingen, aan kunnen gaan zonder regelmatig gevoed en verlicht te worden door het Woord van God dat weerklinkt in de liturgie?

Maar het is absoluut niet genoeg om met je oren te horen, zonder het zaad van het goddelijk Woord in je hart op te nemen en het daar vrucht te laten dragen. Denken we maar aan de gelijkenis van de zaaier en de verschillende resultaten afhankelijk van de grondsoort (vlg. Mc. 4,14-20).

Van de oren naar het hart

De werking van de Geest, die het antwoord effectief maakt, heeft harten nodig die zich laten bewerken en cultiveren, op zo’n manier dat wat gehoord wordt in de Mis doorstroomt naar het dagelijks leven, volgens de waarschuwing van de apostel Jacobus: “Weest uitvoerders van het woord, en niet alleen toehoorders; dan zoudt gij uzelf bedriegen” (Jac. 1,22).

Het Woord van God legt in ons een weg af. We horen het met de oren en het gaat verder naar het hart; het blijft niet in onze oren, het moet doorgaan naar het hart; en van het hart gaat het naar de handen, naar de goede werken. Dat is de route die het Woord van God aflegt: van de oren, naar het hart en naar de handen. Laten we dat leren. Bedankt! (Vert. SvdB)


Tags

Katholiek nieuws in je mailbox:
Please wait

© Katholiek Nieuwsblad