Jezus wil met zijn leerlingen dit Avondmaal beleven, waarbij Hij iets volledigs nieuws schenkt: namelijk zichzelf. Wat is de kern van dit Avondmaal? Het zijn de gebaren van het broodbreken en uitdelen aan de zijnen en het met de anderen delen van kelk met wijn; deze gebaren werden met woorden begeleid in de context van het gebed: de instelling van de Eucharistie is het grote gebed van Jezus en van de Kerk.
De nieuwtestamentische tradities over de instelling van de Eucharistie (1 Kor. 11,23-25; Lc. 22,14-20; Mc. 14,22-25; Mt. 26,26-29) gebruiken twee werkwoorden om het bidden te omschrijven waarmee Jezus de gebaren en woorden inleidt. Paulus en Lucas spreken over eucharistia – dankzegging: Hij nam het brood, sprak een dankgebed uit, brak het en gaf het hun (Lc. 22,19). Marcus en Matteüs benadrukken het aspect van de eulogia – zegening: Hij nam het brood, sprak de zegen uit, brak het en gaf het hun (Mc. 14,22).
Dit gebed van lof en dank dat opstijgt naar God, keert als zegening terug die van God uit afdaalt over de gaven en deze verrijkt. God danken en loven wordt zo tot zegening; en het door ons aan God aangebodene keert terug naar de mens gezegend door de Almachtige. De woorden van de instelling van de Eucharistie voegen zich in deze context van gebed; de lof en de zegening van het berakha worden door het bidden tot zegening en veranderen brood en wijn in het Lichaam en Bloed van Jezus.
Nog voor de woorden van de instelling komen de gebaren: die van het breken van het brood en het aanbieden van de wijn. Deze gebaren krijgen in de maaltijd waarmee Jezus van de zijnen afscheid nam een nieuwe diepte: in het brood en in de wijn offert en communiceert Jezus zichzelf.
Maar hoe kan Jezus op dat moment zichzelf geven? Hij weet dat Hem weldra het leven wordt genomen door de kruisiging. Met de gave van brood en wijn anticipeert Jezus op zijn dood en verrijzenis en verwerkelijkt Hij wat Hij aangaf in zijn toespraak over de Goede Herder: Ik geef mijn leven om het later weer terug te nemen. Niemand neemt het Mij af, maar Ik geef het uit Mijzelf. Niemand neemt het Mij af, maar Ik geef het uit Mijzelf. Macht heb ik om het te geven en macht om het weer terug te nemen: dat is de opdracht die Ik van mijn Vader heb ontvangen (Joh. 10,17-18). Zo offert Hij zijn leven nog voordat het Hem genomen wordt. Daardoor verandert Hij zijn gewelddadige dood in een vrij geven van zichzelf aan de ander en voor de ander. En de ondergane gewelddadigheid verandert in een bewust, vrij en verlossend offer.
In het gebed bij het Laatste Avondmaal toont Jezus zijn identiteit en beslistheid om zijn missie van totale liefde in gehoorzaamheid aan de wil van de Vader te vervullen tot het einde toe. Door Jezus' gebaren en woorden van deze avond te overwegen, zien wij duidelijk dat de constante en innige relatie met de Vader de plek is waarin Hij het gebaar realiseert van het nalaten van zijn Sacramentum caritatis.
Als wij deelnemen aan de Eucharistie, beleven wij op een buitengewone wijze het gebed van dank en zegening dat Jezus heeft gesproken voor iedereen en nog altijd spreekt, opdat het kwade niet de overhand krijgt in ons en dat de veranderende kracht van Christus' dood en verrijzenis in ons moge werken.
De Heer geeft zichzelf
door Sef Adams
Tijdens de audiëntie van 11 januari sprak de paus over Jezus' gebed tijdens het Laatste Avondmaal.
13 januari 2012





door HendroM (Hendro Munsterman) ongeveer 13 uur geleden
We zijn bewust bij 3 blijven steken... Vast niet goed katholiek! http://t.co/0AInCCUP @KNieuwsblad
door Roerkerken (Father Jack - PC4W) ongeveer 13 uur geleden
Met zorg voor het @knieuwsblad http://t.co/JLdGdXGX
door Reclusius (Anthony Ruijtenbeek) ongeveer 15 uur geleden
@Roerkerken U plaatst een oproep: http://t.co/vutPhe6Y om het @KNieuwsblad te vernietigen, mogen mensen hun boosheid dan misschien uitten?
Zie mij op Facebook!