Dit bijzondere gebed van Jezus toont dankbaarheid en lof. Jezus wendt zich tot God en noemt Hem: ‘Vader’. Daaruit blijkt het welbewuste weten van Jezus, dat Hij de Zoon is in voortdurende en innige gemeenschap met Hem. Dit is middelpunt en bron van alle gebed van Jezus. Duidelijk zien wij dat in het laatste deel van de hymne: ‘Alles is Mij door mijn Vader in handen gegeven. Niemand weet wie de Zoon is tenzij de Vader; en wie de Vader is tenzij de Zoon en hij aan wie de Zoon het wil openbaren’ (Luc 10, 22). Alleen de Zoon kan werkelijk openbaren wie God is.
De naam ‘Vader’ wordt gevolgd door een tweede titel: ‘Heer van hemel en aarde’ (Mat 11,25). Dit is de schepping samengevat. Jezus verwijst naar de eerste woorden van de H. Schrift: ‘In het begin schiep God de hemel en de aarde’ (Gen 1,1). Biddend herinnert Hij aan de grote verhaal van Gods liefde voor de mens, die begint met de scheppingsdaad. Jezus past in dat liefdesverhaal; Hij is hoogtepunt en vervulling. Door de uitdrukking ‘Heer van hemel en van aarde’ herkennen wij ook hoe Jezus de Vader openbaart en de mens de mogelijkheid opent van toegang tot God.
Aan wie wil de Zoon de mysteries van God openbaren? Aan het begin van de hymne spreekt Jezus over zijn vreugde, omdat het de wil van de Vader is deze zaken verborgen te houden ‘voor wijzen en verstandigen’, maar ze te openbaren aan ‘kleinen’ (Luc 10, 21). De goddelijke openbaring maakt zijn kennis dus alleen duidelijk aan ‘kleinen’. Dat is de wil van de Vader. En de Zoon deelt deze wil met vreugde. De Katechismus van de Katholieke Kerk zegt: Zijn juichend ‘Ja, Vader!’ komt uit het diepst van zijn hart, uit zijn instemming met het ‘welgevallen’ van de Vader, als een echo van het ‘fiat’ van zijn moeder bij haar ontvangenis en als een voorspel op het ‘fiat’ van Jezus gericht tot zijn Vader tijdens zijn doodstrijd. Het hele gebed van Jezus ligt vervat in deze liefdevolle instemming van zijn menselijk hart met het ‘geheim raadsbesluit’ van zijn Vader (Ef 1,9) (2603).
Hierop berust de aanroeping van God, die wij bidden in het ‘Onze Vader’: ‘uw wil geschiede op aarde zoals in de hemel’: Jezus drukt daarom in deze jubelhymne zijn bereidheid uit allen te laten deelhebben aan zijn kennis van God en allen die dit geschenk aanvaarden zijn de ‘kleinen’.
Interessant is de aanleiding waarom Jezus deze hymne tot de Vader aanheft. Bij Matteüs is het de vreugde dat ondanks tegenstand en afwijzing er toch kleinen zijn die zijn woord accepteren en openstaan voor de gave van het geloof in Hem. De jubelhymne wordt voorafgegaan door het contrast tussen de lof van Johannes de Doper, een van de ‘kleinen’ die het handelen van God herkent in Jezus Christus (Mat 11,2-19) en het verwijt voor het ongeloof van de steden aan het meer ‘waarin de meeste van zijn wonderen waren gebeurd’ (Mat 11,20-24).
Lucas presenteert de jubelhymne in relatie met de missie van het Evangelie. Jezus zond twee en zeventig (Luc 10,1) leerlingen, maar zij hadden ergens een gevoel van angst voor mislukking. Ook Lucas onderstreept de afwijzing in de steden waar de Heer predikte en wonderbaarlijke tekenen deed. Maar de twee en zeventig keerden vol vreugde terug, omdat hun missie was geslaagd: het kwaad van de mens kond door de macht van het woord van Jezus worden overwonnen. En Jezus deelde in hun tevredenheid en ‘op dat uur jubelde Hij het uit’ (Luc 10,21).
Lucas begint het gebed met de opmerking: Jezus jubelde het uit, vervuld van de Geest (Luc 10,21). Jezus jubelt vanuit zijn diepste hart: de unieke gemeenschap van kennis en liefde van de Vader, de volheid van de Heilige Geest. Door ons te laten deelnemen aan zijn ‘zoon-zijn’, nodigt Jezus uit om ons te openen voor het licht van de Heilige Geest, omdat – zoals de apostel Paulus bevestigt – ‘wij niet eens weten hoe wij behoren te bidden, maar de Geest zelf pleit voor ons met onuitsprekelijke verzuchtingen… naar Gods bedoeling’ (Rom 8,26-27) – en openbaart ons zo de liefde van de Vader. Bij Matteüs vinden wij na de jubelhymne een van de meest bewogen oproepen van Jezus: ‘Komt allen tot Mij die uitgeput zijt en onder lasten gebukt, en Ik zal u rust en verlichting schenken’ (Mat 11,28). Jezus vraagt om naar Hem komen, naar Hem die ware wijsheid is, naar Hem die ‘zachtmoedig en nederig van hart’ is; Hij stelt voor om ‘zijn juk’ op te nemen, de wijsheid van het Evangelie die geen leer is noch ethiek, maar een persoon om na te volgen: de eniggeboren Zoon, in volmaakte communio met de Vader.
Samenvatting Sef Adams





door HendroM (Hendro Munsterman) ongeveer 13 uur geleden
We zijn bewust bij 3 blijven steken... Vast niet goed katholiek! http://t.co/0AInCCUP @KNieuwsblad
door Roerkerken (Father Jack - PC4W) ongeveer 13 uur geleden
Met zorg voor het @knieuwsblad http://t.co/JLdGdXGX
door Reclusius (Anthony Ruijtenbeek) ongeveer 15 uur geleden
@Roerkerken U plaatst een oproep: http://t.co/vutPhe6Y om het @KNieuwsblad te vernietigen, mogen mensen hun boosheid dan misschien uitten?
Zie mij op Facebook!