Niet rooskleurig

door  Jan Peeters
Niet rooskleurig Foto: iStock

Deze week boog het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg zich over vier zaken betreffende de godsdienstvrijheid.

Twee gingen over een verbod tijdens het werk zichtbaar een kruisje te dragen en twee over de afgewezen weigering van een relatietherapeut homostellen te behandelen en de weigering homohuwelijken te sluiten.

De voormalige (anglicaanse) bisschop van het Engelse Rochester, Michael Nazir-Ali, richtte zich met een vurig pleidooi voor zijn klagende landgenoten tot het Hof. Daarin waarschuwt hij dat de misvormde “mensenrechtenagenda” die in Groot-Brittannië en andere West-Europese landen steeds dominanter wordt in een volgende “inhumane ideologie” dreigt te ontaarden.

Hij trekt een vergelijking met de gevallen Oost-Europese communistische regimes die eveneens het christendom onderdrukten door openlijke geloofsuitingen te onderdrukken. Het kruisje, symbool van het christelijke fundament van de Westerse beschaving, geldt nu ineens als “aanstootgevend” en het ‘hardnekkig’ dragen ervan als voldoende ontslaggrond.

Dat Britse christenen “zaak na zaak” voor de rechter hebben verloren, bewijst volgens de oud-bisschop dat er sprake is van een duidelijke agenda om het christendom uit het publieke leven te verdrijven onder invloed van het “toenemend agressieve secularisme”.

Het oordeel van het Hof kan een waterscheiding betekenen voor de godsdienst- en gewetensvrijheid in Groot-Brittannië en de rest van Europa.

Met het ‘roze stembusakkoord’ van VVD, PvdA, SP, D66, GL, PVV, PvdD, 50+ en DPK is Nederland hard op weg dezelfde intolerante richting in te gaan. Alleen CDA, CU en SGP weigerden af te spreken dat de ‘weigerambtenaar’ moet verdwijnen en dat ook confessionele scholen geen leerkrachten meer kunnen weigeren of ontslaan op grond van hun seksuele relaties, hoezeer die ook in strijd zijn met de principiële grondslag van de school.

De negen partijen vinden het niet voldoende dat confessionele scholen iemand niet op grond van zijn homoseksuele geaardheid alléén kunnen weigeren of ontslaan, de zogenaamde ‘enkele feitconstructie’. Hij of zij moet ook vrij zijn die geaardheid ongeacht uitgangspunten van de school vrij te kunnen beleven en uitdragen.

Daarmee is feitelijk ieder gelijkheidsbeginsel losgelaten. Confessionele scholen wijzen immers geen personen af op basis van hun seksuele geaardheid, maar op basis van gedragingen of uitingen die onverenigbaar worden geacht met de grondslagen van de school. Dat geldt evenzeer wanneer een docent besluit afstand te nemen van die grondslag of niet meer wenst te kerken.

Hoewel het de docent in kwestie niet onmogelijk wordt gemaakt om leerkracht te zijn, hij kan ook elders solliciteren, wordt het confessionele scholen wel onmogelijk gemaakt een eigen onderwijsklimaat te creëren zoals hun dat toekomt volgens artikel 18 van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens. Dat is niets anders dan een uiting van het “agressieve secularisme” waar Nazir-Ali het over heeft.

Het is te hopen dat het Hof in Straatsburg de mate van godsdienstvrijheid niet op dezelfde wijze beoordeelt als de Nederlandse overheid dat doet ten aanzien van bijvoorbeeld Iraanse moslimbekeerlingen: niets aan de hand zolang je je mond maar houdt.

07 september 2012