Franciscus en Dominicus
.jpg&Width=300) |
|
Foto: AP
|
Samenvatting: Sef Adams - 13-1-2010 13:07 uur
Begin dertiende eeuw ontstaan de bedelorden. Zij zijn een beeld van grote hernieuwing in een nieuw historisch tijdperk en krijgen hun naam door het voor hen kenmerkende ‘bedelen': zij verlieten zich helemaal op economische ondersteuning door het volk om zo de gelofte van armoede te vervullen en de eigen missie van evangelisatie. De bekendste en belangrijkste bedelorden die in deze periode ontstonden, zijn de minderbroeders en de predikheren. Naar hun stichters Franciscus van Assisi en Dominicus van Guzman worden zij ook franciscanen en dominicanen genoemd. Deze twee grote heiligen konden op verstandige wijze 'de tekenen des tijds' te lezen en ingaan op de grote uitdagingen waarmee de Kerk van hun tijd zich zag geconfronteerd.
Tegenover een rijker wordende Kerk – samenhangend met de bloei van het monnikendom – groeide de idee dat Christus arm ter wereld was gekomen en dat de ware Kerk alleen de Kerk van de armen kon zijn. Het verlangen naar christelijke authenticiteit plaatste zich zo tegenover de waarneembare werkelijkheid van de Kerk. De middeleeuwse armoedebewegingen klagen bitter over de toenmalige levenswijze van priesters en monniken en beschuldigden hen van verraad van het Evangelie en van het niet praktiseren van de armoede van de eerste christenen.
Franciscanen en dominicanen toonden aan dat het wél mogelijk was de armoede van het Evangelie te leven zonder zich los te maken van de Kerk. Zij lieten zien dat de Kerk de ware en authentieke plaats van het Evangelie is en blijft. De leden van deze orden deden niet alleen afstand van het bezit van persoonlijke goederen – net als de eerste monniken – maar zagen ook af van het gemeenschappelijke bezit van grond en eigendom. Zo getuigden zij van een uiterst sober leven om zo solidair te zijn met de armen en alleen te vertrouwen op de goddelijke Voorzienigheid.
Franciscanen en dominicanen waren behalve getuigen ook leermeesters. Veel gelovige leken, die in steeds groter wordende steden leefden, wilden een intensief christelijk leven praktiseren. Zij trachtten hun geloofskennis te verdiepen en wilden enthousiast begeleid te worden op de moeilijke weg naar heiligheid. De bedelorden wisten met succes aan deze behoefte te voldoen. Verkondiging van het Evangelie in alle eenvoud met zijn diepten en grootsheid was het voornaamste doel van deze beweging. Met grote ijver predikte men in kerken of in de open lucht. Vele gelovigen kwamen luisteren. De onderwerpen stonden dicht bij het alledaagse leven, vooral het beoefenen van de deugden, met concrete voorbeelden. Ook leerde men zijn gebeds- en devotieleven voeden. Het is dus niet verwonderlijk dat franciscanen en dominicanen gezochte en gewaardeerde geestelijke leiders en biechtvaders waren. Ook ontstonden ‘derde ordes', verenigingen van gelovige leken die zich lieten inspireren door de spiritualiteit van Franciscus of Dominicus. De idee van een ‘lekenheiligheid' vond bij veel personen ingang en franciscanen en dominicanen werden vaak de geestelijke vormgevers van de middeleeuwse stad.
Een andere grote uitdaging waren de nieuwe discussies aan universiteiten, die eind twaalfde eeuw opkwamen. Minderbroeders en predikheren aarzelden niet. Zij traden de beroemdste universiteiten van hun tijd binnen, stichtten eigen denkscholen en werden hoofdpersonen van de scholastieke theologie. De grootste denkers, Thomas van Aquino en Bonaventura, behoorden tot de bedelorden. Zij werkten juist met de dynamiek van de nieuwe evangelisatie, die ook de moed tot denken hernieuwde en de dialoog tussen rede en geloof. De inzet van franciscanen en dominicanen in de middeleeuwse universiteiten is een uitnodiging ook daar met respect en overtuiging het licht van het Evangelie te laten schijnen.
Tags: Paus Benedictus XVI, Algemene audiëntie, Franciscus van Assi, Dominicus, Dominicanen, Franciscanen
|