woensdag 8 september 2010 21:40:58
Katholiek Nieuwsblad

 Nieuws - Opinie - Inspiratie
Home | Contact | Rss |A- A+       
Nieuws Opinie Agenda Beeld en geluid Dossiers Inspiratie Contact  
 

Nijeboer pronkt met andermans veren

Beeld: Uitg. Papieren Tijger
Henk Rijkers - 24-11-2006  00:000 uur
Het boek van Alexander Nijeboer wil een kroniek zijn van de affaire- Spijkers. De doorslaggevende betekenis van Katholiek Nieuwsblad wordt erin echter naar de achtergrond gedrukt ten gunste van de eigen rol van de auteur. Dit hoewel Nijeboer pas kwam opdagen, nadat Defensie Fred Spijkers openlijk als klokkenluider had erkend.
 
Het komt niet elke dag voor dat je een boek bespreekt waar je zelf in voorkomt, en dat een verhaal beschrijft waar je zelf grotendeels getuige van bent geweest en deel van hebt uitgemaakt. Een jaar of twee geleden meldde Alexander Nijeboer (34), cabaretrecensent van de Volkskrant, zich op de redactie van KN met het plan een boek over de affaire-Spijkers te schrijven. Aan het eind van het gesprek vroeg hij: “Nog één vraag. Waarom schrijf je het boek eigenlijk niet zelf? Jij bent toch de nauwst betrokken journalist?” Ik antwoordde dat ik daar geen tijd voor had. Maar bij mezelf bedacht ik dat het juist goed was dat iemand de kroniek van de affaire-Spijkers ging schrijven die geen journalistieke betrokkenheid bij de zaak had en er pas bij de officiële erkenning door Defensie in 2003 belangstelling voor had opgevat.
 
Landmijn AP-23
De lezer herinnert zich de toedracht. In 1984 verongelukte technisch specialist Rob Ovaa, toen een landmijn van het type AP-23 onverwacht explodeerde. Fred Spijkers, bedrijfsmaatschappelijk werker van Defensie, moest Marjolein Ovaa, moeder van twee kinderen, vertellen dat haar echtgenoot door eigen onvoorzichtigheid was overleden. Maar Spijkers vermoedde dat de AP-23 een mankement had en structureel onveilig was. Vanaf die dag waren Spijkers en Marjolein Ovaa bondgenoten tegen Defensie. Het ministerie zou zijn uiterste best doen de zaak in de doofpot te houden. Ten slotte werd Spijkers zelfs ontslagen.
 
Mr. Hans Vermeulen
Journalistiek werd de zaak van belang in de zomer van 1997, toen Fred en Marjolein besloten de publiciteit te zoeken. In KN verschenen twee stukken over de zaak. In oktober bevestigde de Centrale Raad van Beroep (CvB) het ontslag van Spijkers, wat aanleiding gaf tot een felle kritiek in KN onder de kop: ‘Centrale Raad van Beroep collaboreert met Landsadvocaat’. Het partijdige vonnis schokte Fred zo dat hij in een diepe depressie belandde en niets meer van zich liet horen. Na enige maanden schreef ik hem een brief dat zijn zaak afgedaan leek, maar dat als hij ooit kans zag het vonnis aan te vechten, hij op mij kon rekenen. Ik kreeg geen reactie. Een jaar later meldde Fred zich op een avond opeens telefonisch bij mij thuis. Hij zei ontdekt te hebben dat de rechter in de zaak, mr. Hans Vermeulen, een oud-ambtenaar was met als zodanig mogelijke betrokkenheid bij zijn dossier. De vice-voorzitter van de CvB had de zaak nooit mogen doen. Er was een objectieve grond om zijn onafhankelijkheid in twijfel te trekken. Overigens kwam ik er later achter dat dit geen ontdekking was geweest van Spijkers, maar van Dick Berts, de enige andere journalist met een vergelijkbare inzet voor de zaak.
 
Drieslag
Nog diezelfde nacht schreef ik het stuk ‘Duistere zaken bij Defensie’ dat het ogenschijnlijk kansloze dossier Ovaa/Spijkers in één klap weer op de rails zette. Het nieuws werd overgenomen door andere media en naar aanleiding van de KN-publicatie werden Kamervragen gesteld. Het antwoord van de minister leidde tot een nieuwe publicatie, die opnieuw politieke beroering gaf, enzovoorts. Vooral op de terugkerende deining van deze drieslag: KN-publicatie – landelijke media – politieke ophef dreef het dossier Ovaa/Spijkers langzaam maar zeker naar het interpellatiedebat van november 2002, waarbij Defensie bij monde van staatssecretaris Van der Knaap eindelijk door de knieën ging. Het dossier Ovaa/Spijkers is dus een voorbeeld hoe een klein medium een betekenisvolle rol kan spelen, door zich principieel en vasthoudend in te zetten voor de waarden van de democratische rechtsstaat.
 
KN-internetdossier
Waarom dit verhaal? Wel, omdat er bij Nijeboer weinig van is terug te vinden. Natuurlijk, KN wordt heel wat keertjes genoemd, maar daar kan niemand in deze zaak omheen. Nijeboer vermijdt echter zorgvuldig de structurele rol te benoemen die KN speelde voor de erkenning van de zaak. Het bewijs hiervan is het nog altijd te raadplegen dossier op internet dat KN over de zaak opende en waarop Nijeboer zijn boek voor een groot deel heeft gebaseerd. Het is veelzeggend dat de auteur het KN-internetdossier niet één keer noemt, hoewel zelfs Spijkers’ advocaten hun schatplichtigheid aan het dossier en de betekenis ervan erkend hebben.
 
Structurele steun
Het was echter vooraf al duidelijk dat Nijeboer de rol van KN wenste te verdonkeremanen. Op zijn website bij het boek
www.eenmantegendestaat.nlhad hij op de thuispagina een hoekje ‘interessante links’ ingericht, waarop uiteraard het KN-dossier prijkte. Maar enige maanden voor het uitkomen van het boek was die link opeens verdwenen en verbannen naar een moeilijk te vinden plaats, tussen allerlei andere media. Bovendien werkte de link niet. Zo zijn we nu ook in Nijeboers boek terechtgekomen: als een medium dat wat meer aandacht aan de zaak besteed heeft dan andere. Maar de vraag mag gesteld worden: wat zou er van het dossier Ovaa/Spijkers terecht zijn gekomen zonder acht jaar systematische en structurele steun van Katholiek Nieuwsblad?
 
‘Publicatieverbod’
Het kan nog gekker. In de zomer ontving ik een mailtje van Nijeboer waarin hij mij verzocht te bevestigen dat ik een ‘publicatieverbod’ opgelegd had gekregen van directeur Lambriex, die toevallig ook reservekapitein bij de Landmacht is. Ik antwoordde hem verbaasd dat er in 2002-2003 weliswaar een discussie binnen KN is geweest over bepaalde artikelen, maar de zaak Ovaa/Spijkers was daar slechts zijdelings bij betrokken. Van een publicatieverbod in dat dossier is nooit sprake geweest. Lambriex is bovendien pas sinds 2005 in dienst bij KN en moedigde mij juist aan de Spijkers-serie af te maken, net als hoofdredacteur Ed Arons. Nijeboer heeft ondanks mijn weerlegging het ‘publicatieverbod’ als feit in zijn boek opgenomen. Zijn goede trouw is dus uitgesloten: hij heeft gecheckt bij de bron, een ontkenning gekregen en tóch gepubliceerd. Verder heeft ‘onderzoeksjournalist’ Nijeboer zich op geen enkele manier nader geïnformeerd.
 
Statussymbool
Voorts meldt Nijeboer bedreigd te zijn door Defensie. Ik vind dit curieus. Ik heb sinds 1997 immers intensief aan de zaak gewerkt, meer dan vijftig artikelen geschreven, met vaak voor Defensie vervelende politieke gevolgen, maar ik ben nimmer bedreigd. En nu de zaak is toegegeven, zou het ministerie opeens nog tot bedreigingen overgaan? Is hier niet een beginnend ‘onderzoeksjournalist’ op zoek naar een spannend statussymbool?
 
Zo zorgde Nijeboer vorig jaar voor een kleine hype met de ‘onthulling’ (een woord dat hem in de mond bestorven ligt) dat staatssecretaris Van Hoof in 2000 Spijkers met de dood had bedreigd. Ik keek daar nogal van op, net als waarschijnlijk het NOS-journaal en nog wat ingewijden, voor wie dit een oud en dubieus verhaal is, uit de tijd toen journalist Nijeboer nog in geen velden of wegen te bekennen was. Er is geen getuige van het gesprek tussen Spijkers en Van Hoof. Je moet dus onderscheid maken tussen wat er gezegd is, wat de intentie van de spreker was en hoe het door de (zeer gestresste) gesprekspartner is beleefd. Ik vond het van begin af aan geen bruikbaar nieuwsfeit, en de plausibele verklaringen van Van Hoof hebben mij daarin gesterkt. Overigens citeert Nijeboer zomaar uit een persoonlijke brief aan mij van de staatssecretaris, waarvan Spijkers ongetwijfeld hem de kopie ter hand heeft gesteld. De achtergrond ervan lijkt Nijeboer niet te kennen. Ten slotte vind ik het stuitend dat Nijeboer Van Hoof tot het kwade genius van de zaak Spijkers uitroept. Het is mede aan de inzet van deze staatssecretaris te danken dat Spijkers nu als klokkenluider is erkend.
 
Ego
Het boek van Nijeboer is eenzijdig geschreven vanuit het gezichtspunt van Spijkers. Diens schaduwzijden komen niet aan bod. Waarom heeft de auteur bijvoorbeeld Marjolein Ovaa niet geraadpleegd, die al lang geleden verbitterd met Spijkers gebroken heeft, iets wat het boek niet vermeldt? Als kroniek schiet het boek tekort in nauwkeurigheid en eerlijkheid. Het bevat minstens één opzettelijke leugen. De ruimte ontbreekt om alle onvolkomenheden ervan op te sommen. Laten we besluiten dat dit kennelijk goed verkopende boek vooral lijkt bij te moeten dragen aan de reputatie van de auteur, die achteraf weliswaar aanvullend onderzoek heeft verricht, maar in het grote en lange gevecht voor de erkenning van de zaak Ovaa/Spijkers geen enkele rol heeft gespeeld. Die objectieve positie had de auteur aan het boek ten goede kunnen laten komen. Zijn ego zat hem echter in de weg. Nu is zijn werk vooral uitgedraaid op een pronken met andermans veren.
 
Alexander Nijeboer
Een man tegen de staat
Uitg. Papieren Tijger
344 pp., pb.
ISBN 90-6728-195-6
 

Tags:

Bookmark and Share

 Gerelateerde artikelen

Felle kritiek op BBC over berichtgeving pausbezoek Felle kritiek op BBC over berichtgeving pausbezoek
Te weinig parochies in Moskou Te weinig parochies in Moskou
‘We hebben geloofsgetuigen nodig’ ‘We hebben geloofsgetuigen nodig’


 Opinie

Wilders en het CDA Wilders en het CDA
Europa: kinderen of kelderen Europa: kinderen of kelderen
Wel wakker liggen om laag kerkbezoek Wel wakker liggen om laag kerkbezoek

 Commentaar

Danneels had maar één zorg Danneels had maar één zorg
Pot en ketel Pot en ketel
Gelijke behandeling? Gelijke behandeling?