Woensdag
1 september 1993. In Blanquizal, de armenbuurt van de Colombiaanse
miljoenenstad Medellin, speelt in de avondschemering een groepje kinderen. De
wijk wordt geteisterd door gewapende bendes. Nadat een man bij haar huis zijn
vuurwapen met demper richt, valt plots de acht jaar oude Natalia neer. De kogel
raakt haar ruggemerg, doorboort een long en verlaat door de borst weer het
lichaam. Ze zakt ineen, kan niet meer lopen of staan, bloed loopt uit haar
mond. Een ambulance
wordt gebeld, maar de hulpverleners mijden deze buurt liever. Na herhaaldelijk
alarm arriveert uiteindelijk de ziekenwagen en brengt het verlamde meisje naar
het ziekenhuis.
Moeder
Garcia is weduwe, werkt in de huishouding en woont met haar acht kinderen bij
haar werkgeefster in. Geld voor een eigen huis heeft ze niet. Haar wereld stort
in als zij hoort dat de artsen niet veel meer geven voor het leven van haar
dochtertje. Ze willen een operatie proberen, maar de kans op overleven is
gering en genezing uitgesloten. Wat er ook gebeurt, voor de rest van haar leven
zal het meisje verlamd blijven.
Maandag
20 september. Natalia moet het ziekenhuis verlaten. Ze wordt gedragen, haar
benen voelen als zijn ze dood: geen gevoel, geen beweging.
Dinsdag
21 september. Moeder Garcia roept de hulp in van de zusters op school voor een
rolstoel. Zij willen helpen, maar veel middelen hebben ze niet. Ze zoeken hun
toevlucht tot hun eerder in het jaar zalig verklaarde Moeder Paula Montal van
Sint-Joseph van Calasanz.
De kloostergemeenschap,
de parochie en de kinderen op school bidden in de dagen die volgen voor
uitkomst. De rolstoel komt er, maar dan voltrekt zich het échte wonder. Plots
voelt Natalia hoe het gevoel terugkeert in haar benen, ze kan zich zelfs weer
oprichten, en nog voor het einde van de noveen loopt Natalia weer door het
huis.
Maandag
4 oktober. Natalia moet terug naar het ziekenhuis voor controle en hulp. Geld
voor vervoer is er niet, het Colombiaanse meisje loopt de volle acht kilometer.
De artsen kunnen hun ogen niet geloven, zij aanschouwen een wonder. Als Natalia
later thuiskomt, staat daar nog altijd de rolstoel, nieuw en ongebruikt.
Paus
Johannes Paulus II grijpt het wonder van Natalia Garcia aan om zuster Paula
Montal in 2001 heilig te verklaren.
De
Spaanse wijdt, dertig jaar oud, haar leven toe aan de zorg voor en het
onderwijs aan kansarme meisjes. Zij sticht in 1847 de dochters van Maria. Op 26
februari 1889 keert zij, 89 jaar oud, naar haar Schepper terug.